Wat zijn managementbouwstenen?
 

Wat zijn de belangrijkste fundamenten van het managementvak? Oftewel, waar moet een manager zich druk om maken bij het besturen van een organisatie. Deze vraag is niet zo makkelijk te beantwoorden en bovendien sterk afhankelijk van de soort organisatie waar het om gaat.

Toch zijn er zes aandachtsgebieden die overal en in elke omstandigheid van belang zijn. Dit zijn: strategie, structuur, cultuur, mensen, middelen en resultaten.

Deze aandachtsgebieden of managementbouwstenen worden ook wel de besturings– of ontwerp-variabelen van een organisatie genoemd. Nadere bestudering laat zien dat de meeste bouwstenen in meer of mindere mate voorkomen in de belangrijkste management-referentiemodellen die er in de wereld gebruikt worden.

In onderstaande figuur is bijvoorbeeld het INK–managementmodel weergegeven. Dit is de Nederlandse variant van het Europese EFQM–excellence model.

     

Grotere adviesbureaus maken gebruik van eigen referentiemodellen. Hieronder is het 7S model van McKinsey en het KPMG–model weergegeven. Het 7S model is ontworpen door (de oud-McKinseyanen) Richard Pascale, Tom Peters en Robert Waterman en wordt onder andere gebruikt in hun managementklassieker In Search of Excellence.

In de volgende tabel is een overzicht opgenomen van de bouwstenen uit de belangrijkste referentiemodellen.

        Managementbouwstenen in kort bestek
     

Strategie
Het aandachtsgebied strategie gaat over de doelstellingen van de organisatie (missie en visie) en over de manier waarop de organisatie deze tracht te bereiken (strategie, beleid). In essentie gaat het erom balans te vinden tussen de gewenste externe resultaten en de bestaande interne mogelijk-heden. Een goede strategie gaat daarom zowel over organisatie–buitenkant (wat willen we bereiken) als over de organisatie–binnenkant (welke structuur, cultuur, mensen en middelen hebben we nodig om de gewenste resultaten te behalen).

Structuur
Het aandachtsgebied structuur gaat over de organisatie– en de processtructuur. In essentie gaat het om de vraag hoe de bedrijfsactiviteiten georganiseerd zijn en welke taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden de medewerkers hebben. In de INK/EFQM–model heeft dit aandachtsgebied is de benaming processen gekregen om het belang ervan te benadrukken. Gevolg is dat aandacht voor het organisatiemodel ontbreekt, hetgeen feitelijk onjuist is.

Cultuur
Het aandachtsgebied cultuur gaat –net zoals structuur– over de vraag hoe mensen met elkaar omgaan. Het betreft hier echter de zachte of informele kant van de omgangsvormen. In essentie gaat om de basiswaarden van de organisatie, de wijze waarop managers en medewerkers met elkaar omgaan. Het INK/EFQM aandachtsgebied leiderschap gaat over de gedragskant van managers (leiders) en valt daarmee onder cultuur. Dit zelfde geld voor managementstijl en shared values uit het 7S–model van McKinsey.

Mensen
Het aandachtsgebied mensen gaat in hoofdzaak over het managen van de competenties (kennis– en vaardigheden). Daarbij wordt gebruik gemaakt van twee invalshoeken: de ontwikkeling en borging van kennis– en vaardigheden van een organisatie en de persoonlijke–, loopbaanontwikkeling van de medewerker zelf.

Middelen
Het aandachtsgebied middelen gaat over een breed scala van alle ‘overige’ resources te weten: financieel management (geld), informatiemanagement (ICT), facility management (huisvesting, materiaal, secretariaat, beveiliging, catering) en communicatie-management. Over de plaats van inkoopmanagement (ketens) bestaat tussen diverse modellen geen eenduidigheid. Zelfs tussen INK (geen apart aandachtsgebied) en EFQM (wel aandachtsgebied onder middelen) bestaat op dit punt verschil.

Resultaten
Het aandachtsgebied resultaten komt niet in alle referentiemodellen voor. Zij is het best uitgewerkt in de INK/EFQM–modellen. In essentie gaat het om de vraag wat de werkzaamheden van de organisatie hebben opgeleverd. Uitgangspunt is daarbij het ‘van buiten naar binnen’ kijken. De waardering wordt vastgesteld (gemeten) van de vier belangrijkste groepen belanghebbenden (stakeholders) te weten: medewerkers, klanten en leveranciers, maatschappij en eindresultaten (financiële en operationele doelstellingen).